*

Hij wilde helemaal geen andere mensen zien. Gezelschap brak hem op. Na twintig jaar als een kluizenaar te hebben geleefd wist hij niet meer hoe zich te gedragen, wat te zeggen. Maar het was niet eerlijk zich achter die reden te verschuilen, en hij wist het. Als hij het wilde zou hij opnieuw de clown zijn geworden, die hij in zijn jeugd was. Hij had ze makkelijk kunnen innemen; met spontane opmerkingen en goed-getimede grappen. Hij had zich kunnen opwerpen als held, die het gezelschap weliswaar niet bevrijden kon, maar het verblijf een stuk aangenamer zou kunnen maken.

Wayne’s gebrek aan sociale contacten was nooit geweest omdat hij niet anders kon, maar omdat hij niet anders wilde. De Wayne van lang geleden, die grappig en geliefd was, was misschien ooit zijn ware ik geweest, maar als hij die Wayne nu weer te voorschijn zou halen, zou hij zelf weten dat hij een leugen voorleefde. Het zou een prachtig toneelstuk zijn geworden, en al zou hij die rol wellicht met meer plezier gespeeld hebben dan de rol van de stugge, harde onverschillige Wayne die hij nu was, het zou een rol zijn. Wayne was misschien stug, en log, en ego-centrisch, maar hij deed zich niet vaak beter voor dan hij was.

Hij ging naar zijn kamer, om daar verlost te zijn van het gezelschap, dat hem kwelde omdat hij wist dat hij er nooit echt bij zou horen, nooit echt één van hun te zijn.

Maar zijn kamer benauwde hem ook. Hij staarde naar de fotolijstjes, de kleine snuisterijen die hem in een andere setting lief zouden zijn geweest, en moest steeds meer zijn best doen het niet op een gillen te zetten.

Hij voelde zich gevangen. Niet langer iemand die de touwtjes in handen had, en hij moest meevaren op de golven die een ander veroorzaakt had. Hij zou het nooit hardop toegeven, maar hij was bang. Bang voor ditgene dat groter en machtiger was dan hijzelf, en wat hij niet eens kende. Zenuwachtig beende hij heen en weer in zijn kamer. Hij wilde niet meer denken, maar wat kon een mens doen om zijn gedachten ut te zetten?

Thuis zou hij in zo’n geval hard aan het werk zijn gegaan, zodat hij troost vond bij zijn dieren, of de grootsheid van zijn land, en anders de kleine zorgen over een ziek dier of de melkprijzen het van zijn grote zorgen winnen, maar wat kon hij hier doen? Hij had hier geen farm meer, geen bezigheid, geen werk.

Wat kon hij doen? Hij hield niet van lezen of tv-kijken, al helemaal niet van het gezelschap zoeken van anderen, en verdere hobby’s had hij ook niet. Normaliter vulde hij de hele dag met werken.

Het enige wat Wayne nog wist te bedenken was uiting te geven aan zijn frustratie’s, door met willekeurige voorwerpen te gaan gooien.

Gepubliceerd in: om oktober 15, 2010 op 5:07 pm  Geef een reactie  

De trackbackURI naar dit bericht is: http://abisua.wordpress.com/2010/10/15/265/trackback/

RSS feed voor reacties op dit bericht.

Geef een reactie

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log Out / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log Out / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log Out / Bijwerken )

Verbinden met %s

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.